Er was eens een mens die het beste voorhad met zichzelf en haar medemensen. Vol goede moed trok deze mens er dag in dag uit op uit om het leven in haar omgeving een stukje mooier te maken. Dat hoefde niet groots of meeslepend te zijn. De ene keer plantte zij hier een plant, de andere keer deelde zij daar een bosje bloemen uit. Door kleine gebaren zaaide zij meer zin in het leven. Ze deed haar best om zich bezig te houden met die dingen die goed voelden en die goed deden. Eigenlijk was haar leven in het klein best zinvol zoals het was.

 

Totdat op één van haar dagelijkse ommetjes een ander mens voor haar neus bleef staan. Deze mens zag er angstig en gehaast uit. Deze mens leek op zoek te zijn naar iets wat hij, aan zijn uitgeputte en ietwat opgezwollen gezicht te zien, al heel lang niet gevonden had.

 

‘Kan ik u helpen?’ vroeg de zinvolle mens. ‘Nee, jij kunt me niet helpen. Wat ik zoek ligt achter de horizon, voorbij de bergen van afgunst en de zee van misvattingen. Door de woestenij van verwachtingen en het woud van torenhoge eisen moet ik trekken alvorens ik haar vind.’

 

‘Naar wie bent u op zoek dan?’ vroeg de zinvolle mens. De man keek haar met ongeloof aan, was deze mens werkelijk geïnteresseerd in hem of maakte ze contact omdat ze iets van hem wilde? Hij besloot toch te antwoorden. ‘Ik zoek mijn ideale partner, de vrede van voldoening.’

 

‘De vrede van voldoening?’ herhaalde de zinvolle mens? ‘Maar daarvoor hoeft u toch niet zo ver weg te gaan en uzelf bloot te stellen aan al die onzinnige illusies?’

 

De angstige man keek haar met een blik vol argwaan aan. ‘Dus jij denkt dat de vrede van voldoening voor het oprapen ligt? Nou dan heb je het mooi mis, meisje.’ En toen bijna geïrriteerd: ‘Zeg wat ben jij naïef!’

 

De zinvolle mens blikte of bloosde niet op de sneer van de angstige man, want naïef was ze en dat was juist haar kracht. Als een kind keek ze open de wereld in, haar bewustzijn vullend met de goede intenties uit haar hart.

 

‘Ik ken uw levensloop natuurlijk niet, meneer’, zei ze vriendelijk, ‘daarover kan ik dus niet oordelen, maar ik heb de vrede van voldoening toch heus gevonden. Ik vond haar gewoon bij mij in de buurtsuper, toen ik aardappeltjes kocht voor een frisse salade. Ze lonkte naar me vanuit het schap en fluisterde me hoe fijn het was dat ik te eten had.’

 

De man keek de ietwat naïeve doch zinvolle mens aan met ongeloof. ‘Dus jij hoort haar praten vanuit een supermarkt schap?’ ‘Oh ja’ zei ze, ‘ze vertelt me geregeld dat ik dankbaar mag zijn voor wat het leven me schenkt.’ Een besmuikt glimlachje ging over zijn lippen. ‘Tssss. Kinderlijk gedoe hoor.’

 

Onverstoord ging de zinvolle mens verder. ‘Ik zag haar laatst op het dorpsplein van verbinding, toen ik toevallig met een buurvrouw in gesprek raakte. De dag ervoor was ik haar ook tegengekomen in het bos van verlangen, toen ik tussen de bomen liep te mijmeren over waar mijn leven nog naar toe zou gaan. En ik denk dat ik haar ook binnenkort weer tegenkom in het park van ontspanning, waar ik weleens tegen een muurtje uitrust van al mijn werkzaamheden.’

 

‘Werkzaamheden, werkzaamheden.’ riep de man opgedoft uit. ‘En ik moet geloven dat jij werkt? Je ziet er meer uit als een prinsesje dat in leven wordt gehouden door anderen. Je hebt vast een uitkering of een of andere aandoening waardoor jij niet hoeft te werken. Terwijl ik me uitsloof.’ Hij klonk nu werkelijk moe.

 

‘Meneer, ik respecteer natuurlijk uw zoektocht en al uw geploeter, maar ik geloof er niet meer in dat we ons moeten afmatten om onze liefste metgezel in het leven tegen te komen. Zij bevindt zich altijd al onder ons, zo bent u haar voor mij op dit moment!’ Haar ogen straalden terwijl ze de vermoeidheid en angst van het gezicht van de man afkeek. ‘En misschien ben ik haar wel voor u? Ze gaf hem een mysterieuze blik en vervolgde, ‘dank u wel dat u me opnieuw hebt laten zien hoe waardevol mijn leven is.’

 

Zonder aanwijzing draaide de zinvolle mens zich om en vervolgde lichtvoetig haar levenspad. Ze liet de man simpelweg staan. Op het kruispunt van de keuze. Een glimlach borrelde omhoog uit haar eigenwijze hart, ze was vol vertrouwen dat deze man, mocht hij nu niet kiezen, later opnieuw een kans kreeg. Ze wist dat een ont-moeting vol waarheid zich altijd opnieuw aandiende en dat ieder mens altijd opnieuw een keuze kon maken.

 

Ze stak haar neus in een bloemenstruik langs de weg en dacht, ‘mmm lekker, en waar heb ik nu zin in?’

 

Laura Jonker

Waarom ik dit deel? Ik ben hier op aarde om mensen bij hun zin te brengen. Simpel en eenvoudig leven. Van moeten naar zin.

3 juni start een nieuwe cursus, mail gerust info@zijnvolzin.nl of pb me.

 

leo at neque. ut eleifend id,
X