Wat vertelt mijn lichaam me?

wat vertelt mijn lichaam me?

Klachten als depressie, burn-out, oververmoeidheid, keuzestress, verslaafdheid, maar ook relatieproblemen, kun je niet meer oplossen met alleen de ratio en het veranderen van je denk-patroon. Wat vertelt je lichaam je? Met die wijsheid kun je werkelijk aan de slag, het is ready-to-use informatie die direct over jou gaat en ook in jou opgelost kan worden. Ik gebruik verschillende technieken om je bij het lichaamsbewustzijn te brengen. 

Het gaat erom dat jij je eigen lichaamstaal leert begrijpen zodat je meer samen met je lichaam gaat leven in plaats van los van haar en vooral alleen maar vanuit je hoofd of wat je denkt dat goed is, of hoort.

Als je maar over grenzen blijft gaan, put je je lichaam uit. Als je stelselmatig signalen van je lichaam of gevoel negeert, kun je deze signalen op een gegeven moment niet meer horen, omdat ze te zwak zijn geworden. Als je telkens informatie van anderen (uit boeken, of van horen zeggen) voor je eigen lichaamstaal plaatst, verzwak je de relatie met je eigen wijsheid en intuïtie. Het gaat erom de lagen conditionering af te pellen en dichtbij de ervaring te komen. 

In onze maatschappij zijn we erg bedreven en goed geworden om met ons verstand problemen op te lossen. We zijn echter in de loop van de eeuwen ons lichaam, haar wijsheid en ook de daarin opgeslagen ervaringsgerichte informatie gaan verwaarlozen. We durven er bijna niet voor uit te komen dat we mensen zijn met een ziel, dat we een spiritueel verlangen in ons dragen om goed te doen. De gevolgen van deze verwaarlozing en ontkenning, zien we massaal terug in het ziekteverzuim en beleving van zinloosheid. Zoveel mensen kampen dagelijks met gevoelens van angst, falen, grote prestatiedruk voor geld en status of een baas die ze amper kennen. Ik ga hier dat niet uitgebreid bespreken, omdat er genoeg over in het nieuws verschijnt. 

Willen we op een liefdevolle en duurzame manier met onszelf omgaan, dan kunnen we niet om ons lichaam heen. Zij is een onmisbare bron van informatie; bijv. voor waar we ons toe aangetrokken voelen en wat we beter uit de weg kunnen gaan.  Ze geeft ons uitgekiende signalen die, als we ze gaan herkennen en vertrouwen, ons precies (in contact) brengen met dat wat er toe doet in ons leven. Ze biedt ons de mogelijkheid om uit te drukken wat we denken, voelen, willen, ze maakt het mogelijk dat we opnieuw leven creëren. Ze helpt ons te verbinden met andere mensen, dieren, andere levensvormen die ons vreugde schenken in ons leven. En misschien wel het allerbelangrijkste, ons lichaam is het huis van onze ziel. Zoals we ook ons woonhuis verzorgen en onderhouden, is het ook nodig je lichaam te leren kennen, begrijpen en onderhouden.

Wat vertelt je lichaam je? Met die wijsheid kun je werkelijk aan de slag, veel effectiever dan uit welk boek / cursus dan ook. Ik gebruik verschillende technieken om je bij het lichaamsbewustzijn te brengen.  shiatsu-therapie, innerlijke familie-opstellingen, diepe energetische massage, pijn acceptatie.

Momenteel ben ik gestart met het onderzoeken van door mij gebruikte lichaamsgerichte aanpak tijdens het inzetten bij systeemtherapie, omdat ik vermoed dat beiden elkaar krachtig kunnen aanvullen. Ik ben dus zeker voor het en-en principe. En cognitieve aanpassingen en lichaamsgericht werken. Het zwaartepunt in onze gezondheidszorg ligt nu echter bij de cognitieve aanpak en dat brengt een disbalans met zich mee, die vraagt om een lichaams- zielsgerichte aanpak. 

Hoe accepteer ik mezelf? Een simpele meditatie

Hoe accepteer ik mezelf? Een simpele meditatie

Een meditatie oefening om verbinding te maken met jezelf.

Laatst kwam er een mevrouw bij me voor een prive sessie meditatie. Ze is bijna 80, heeft vroeger gemediteerd maar krijgt de draad maar niet meer opgepakt sinds de dood van haar partner. En dus zocht ze hulp. Ondanks haar ervaring met stilzitten en haar geest onderzoeken bleek al snel dat ze in haar basis zich niet goed genoeg voelt. Nergens voor. Dat uit zich in negatieve gedachten over zichzelf maar ook over anderen. Zo sterk dat ze zich is gaan afzonderen en het contact met mensen vermijdt uit angst dat ze hen kwetst. We hebben vorige keer samen een meditatie gedaan waarin ze zichzelf denkbeeldig tegenover zich plaatste en vroeg wat ze nodig had. Die behoefte mocht ze helemaal vervullen. Dat lukte en luchtte zichtbaar op.

Dit is de kracht van meditatie en het gaan werken met verbeelding en geest. Alles is mogelijk!

De keer erna kwam ze en liet ik haar liggen en de moeheid toelaten van een geest die zichzelf telkens naar beneden haalt, uit angst. Ik begeleidde haar naar de stille plek in haar lichaam, daar waar iedereen thuis is in zichzelf.

Het lukte haar om zich over te geven en ik zag haar wegzakken in een diepe, wijdse rust. Toen ik haar naderhand vroeg hoe het was geweest zei ze: “ik begin te begrijpen dat het echt zo is dat iedereen geboren is zoals hij of zij is. En dat dat goed is. Dat het de bedoeling is dat ik ben zoals ik ben en dat ik niet verkeerd ben. Ik hoef niets anders van mezelf te maken dan ik ben.” De rust en vrede die uit haar ogen schenen was zo ontroerend mooi. Alsof al die jaren ervoor samenkwamen in dat moment en ze eindelijk mocht ervaren wat haar geest al die tijd al had geweten:

Je bent precies goed zoals je bent!

Pijn acceptatie tijdens de ZIN challenge

Pijn acceptatie tijdens de ZIN challenge

Dag 9 is ronduit heerlijk. Bijzondere en onverwachte ontmoetingen liggen iedere dag in verschiet. Deze keer met twee dieren. Wat een goede keuze om 30 dagen in het bos te verblijven en te doen waar mijn ZIN me heenvoert. Boompje hier, stroompje daar. Even kijken naar een ontluikend blad, ruikend aan onverwachte bloesemregen. En dan het meertje waar ik iedere dag ga zitten en steeds langer stilval.

Allerlei mensen passeren langs de oever, maar mijn ogen blijven gesloten. Van binnen zie ik de honden die ze met zich meevoeren. Bij één stel gaan mijn ogen toch open. Een kleine wat angstige hond en een grotere op een wolf lijkende hond. De baas kijkt mij aan en blijft maar groeten, alsof hij steeds weer opnieuw kennis met me maakt. De grote hond wordt aangemoedigd het water in te springen, maar verder dan vrolijk pootje baden wordt het wat hem betreft niet. Dan neemt hij een spurt en rent met bokkensprongen recht op mij af. Vlak voor me blijft hij staan, ruikt aan m’n tas en kijkt me een paar tellen indringend aan. Z’n klaarheldere blauwe ogen kijken verwonderd en dwars door me heen. Hij laat iets van speelse wildheid bij me achter op mijn netvlies. Dan springt hij weer net zo abrupt op en vertrekt terug naar z’n baas.

Daarna besluit ik van Wond naar Wijsheid te doen. Een oefening die ik sinds een paar maanden toepas als ik pijn ervaar. Ik concentreer op de pijn die ik gisteren ervoer omdat ik mijn overleden zus miste, en laat deze sensatie toe in de rest van m’n lichaam. Als het moment daar is om een helper te vragen mij te assisteren in het transformatie proces, open ik m’n ogen en zie een lange snoek traag aan me voorbij zwemmen op een meter van me vandaan in het meertje.
Zijn linkeroog blijkt me aankijken alsof hij me wenkt. Ik passeer m’n eerste verbazing en ga verder met de oefening met hulp van de snoek. Onder water laat de vis me zien dat we nog steeds in alle tijden en in alle levensvormen aanwezig zijn. Dat het zinvol is om zo aan het water te zitten en ons op te laten nemen in die “oude stromen kennis” van hoe de dingen al eeuwen gaan. Hoe ‘wazig’ dit voor sommige mensen misschien klinkt, maar juist dat houdt ons met beide benen op de grond. Het verbindt ons met wijsheid die ons toebehoort, maar die niet ontvangen kan worden tijdens het-tussen-vier-muren-leven.

Na de oefening, delen we symbolen uit, van wederzijdse erkenning. Mijn symbool voor de pijn die ik ervoer aan de snoek: een sleutel, van m’n hart. Ik krijg van de snoek een televisiescherm, zodat ik blijf onthouden, dat alles wat aan mij verschijnt, mijn eigen projectie is. Het zet me opnieuw aan om te geloven in mijn eigen zender en de programma’s die ik erop uitzend, want die zijn over het algemeen vrolijk, informatief, avontuurlijk en uiteraard voor mijzelf zeer toegankelijk!

Ps. Als ik de volgende dag weer bij het meertje aankom, ligt de snoek roerloos te wachten bij de plek
waar ik dagelijks mediteer.

Heeft niksen ZIN, dag 1 van de ZIN challenge

Heeft niksen ZIN, dag 1 van de ZIN challenge

Kun je niksen zonder je schuldig te voelen? Dag 1 van m’n 30 dagen wandel- en meditatietocht draagt het thema vertragen. Ingezet door een vrouw die ik zie joggen door het bos. Terwijl ik alleen maar lang- en langzamer zou willen lopen om te kunnen vertragen. Na een half uurtje op weg te zijn, laat ik m’n lichaam al neervleien tegen een stevige boomrug. Een buizerd, een zanglijster, roodborstje, een bonte specht en tientallen andere vogels laten hun lentekriebels klinken. En ik voel dat een enorme maatschappelijke moeheid m’n benen uit wil vloeien. De gedachte aan 30 dagen de tijd nemen om dit vertragingsproces te laten voltooien stemt me gerust. Dit is zo nodig. De behoefte om helemaal tot stilstand te komen, alleen m’n eigen energie nog te hoeven ervaren. 

De gedachte popt op dat dat misschien wel egocentrisch is. Want al die mensen die nu hard werken voor hun geld, hun baas, om een auto te rijden, de kinderen te eten kunnen geven, droog en warm te kunnen leven, een opleiding te kunnen volgen.

En dan zit ik hier in de zon te ‘niksen’. Ja, dit is 1 van de kerngedachten waarom ik deze 30 dagen wandeltocht doe. Want hoe kan het dat deze gedachte opkomt, terwijl ik mijn zaakjes prima voor elkaar heb, niemand tot last ben en me ook niet onttrek aan het systeem.

De indruk wekken dat je ergens aan mee moet doen om erbij te horen en mee te tellen, of de indruk wekken dat je pas gelukkig kunt zijn als je dat ene product in je bezit hebt, of de indruk wekken dat je iets ervaren moet hebben om te kunnen zeggen dat je geleefd hebt, misschien is dat pas egocentrisch.  

Hoe helpt coaching op zelfzorg je in je persoonlijke ontwikkeling?

Hoe helpt coaching op zelfzorg je in je persoonlijke ontwikkeling?

Het begin van geluk ligt in de keuze om voor jezelf te zorgen.Op eigen benen staan, luisteren naar wat je wil, met weerstand omgaan, keuzes durven maken, compassie dragen. Het hoort allemaal bij voor jezelf zorgen. Wat je ervoor terugkrijgt is van onschatbare waarde! Immers, je kunt niet om je-zelf heen. Je neemt je-zelf overal mee naar toe. En als je besluit om voor je-zelf te gaan zorgen, dan krijg je daar uiteraard iets voor terug.

Je zult merken dat je eigenlijk heel gezond in elkaar zit, precies zoals jij bedoelt bent, maar dat het wel nodig is, dat je je aan je eigen handleiding houdt en niet teveel die van anderen gebruikt, want dan gaat het op den duur mis. Je herkent in je eigen leven vast wel een voorbeeld, dat je iets doet omdat je denkt of voelt dat een ander dit nodig heeft, van je verwacht, of erop hoopt. En dat je er dan sowieso naast zit, als je je-zelf hierin gepasseerd hebt. En hopelijk ken je ook de onverwacht positieve situaties als je je-zelf wel meeneemt in je keuzes. Een prachtvoorbeeld is van een jonge vrouw die tijdens sessies telkens aankaartte dat ze twijfelde over het huis waar ze woonde, maar ze kon haar huisgenoten toch niet in de steek laten? Toen ze inzag en met mildheid toegaf dat het huis waar ze woonde echt niet paste bij wie zij is, kreeg ze een week na de lastige keuze gemaakt te hebben voor haar-zelf, uit het niets een aanbod voor een ander huis, dat beter aansloot bij haar manier en ZIN in het leven.

Zelfzorg geeft je een handleiding van jezelf, geeft je inzichten wie je bent en maakt liefdevolle verbinding met jezelf en anderen. Dat geeft weer plezier, focus, haalbare doelen, daadkracht en telkens nieuwe energie. Zelfzorg maakt je vrij om te doen waar je werkelijk ZIN in hebt. Je krijgt gevoel voor wie je bent, wat bij je past en hoe je dat realiseert in je leven.

Uit de volgende reactie blijkt wat er eigenlijk nodig is als je voor je-zelf wilt zorgen: “Je geeft de juiste tools om mijzelf te helen, te bevrijden van iets…Je doet geen kunstje. Je laat het echt uit mij komen en ik heb in geen geval het idee dat ik iets moet doen wat jij vindt of zegt. Jij zet al je instrumenten in om mij volledig te laten zijn.” Dat is zelf-zorg.

Als ik om me heen kijk, is de tijd rijp dat wij als mensheid, als geheel, gaan zorgen voor ons-zelf. De potentie om zorgeloos en zinvol te leven kan vervuld worden door velen. We hebben zo ontzettend veel bereikt als het gaat om rijkdom, welzijn en veiligheid. Veruit de meesten in ons land hebben een woonplek, te eten, toegang tot gezondheid en sociale verbindingen.

Is de tijd daarmee rijp voor andere zorgen? Zorgen voor ons-zelf? Is deze zorg egoïstisch of nog meer op het individu en haar identiteit gericht? Wat mij betreft allesbehalve. Want misschien is de grootste verandering die we gaan ervaren als we voor ons-zelf gaan zorgen, het besef dat we niet op onszelf zijn. Nooit. We zijn altijd in verbinding met leven, met levende wezens, mensen, dieren, bomen. Dichtbij of veraf. We voelen of denken vaak dat we uit verbinding zijn, maar we ZIJN nooit uit verbinding.

We staan aan de vooravond van een grote verandering in ons denken. Het doet me denken aan de omwenteling die plaatsvond in de tijd van Galileo en Copernicus, in de late middeleeuwen. Iedereen geloofde dat de aarde het centrum was van het universum. Verguisd werden zij door de toen heersende (religieuze) machthebbers, toen een nieuwe theorie opdook, dat de zon het centrum vormde van ons zonnestelsel (toen universum). Nu, eeuwen later weten we niet anders meer. Er vind in deze eeuw opnieuw een grote omwenteling plaats in het denken over onze werkelijkheid. En uiteraard is niet iedereen meteen enthousiast met de nieuwe zienswijze.

Velen van ons denken nu nog voornamelijk vanuit het materialistische wereldbeeld dat de basis van onze werkelijkheidsbeleving rust op materie, op deeltjes, op concrete massa. Maar uit quantum-mechanische theorien blijkt een ander werkelijkheid te ontstaan. Namelijk dat de basis van onze werkelijkheid rust op ruimte die trilt en energie bevat, deeltjes kunnen op meerdere plaatsen tegelijk zijn en bovendien is er een continue verbinding tussen deeltjes ook over grote afstanden. Jij en ik als waarnemer hebben volgens deze theorien invloed op wat we ervaren als werkelijkheid. Via ons bewust-zijn hebben we toegang tot die werkelijkheid en kunnen de werkelijkheid zelfs beïnvloeden. 

Dan rijst de vraag. Voor wie zorgen we dan als we zorg gaan dragen voor ons zelf? Eeuwenlang heeft het volstaan dat we zorgden voor onszelf als lichaam en denken. Bijna als een machine. Onze geneeskunst heeft zich daarin tot in de puntjes bekwaamd, met chirurgie, psychiatrie, cognitieve gedragstherapie, medicijnontwikkeling. Artsen gaan steeds verder en preciezer de diepte in met diagnoses. Maar in de praktijk begint de zorg voor ons als mens te haperen, het sluit niet meer aan bij wat (jonge) mensen nodig hebben, bij wat deze tijd van bewustzijnsgroei aan mogelijkheden biedt.

Zelf-zorg anno 21e eeuw neemt een vlucht richting bewust-zijn. Als je bewust-bent van je-zelf, dan draag je zorg voor zowel je lichaam, als je denken, als je gevoel (hart), als je ziel, als je energie. Dat is 1 geheel, nooit afgescheiden. Een ingreep in het ene systeem heeft onherroepelijk effect op het andere systeem. En dat geldt ook voor het systeem mensheid als geheel.

Als jij besluit om voor je-zelf te gaan zorgen, heeft jouw omgeving daar onmiddellijk profijt van. Een mooi voorbeeld daarvan is een jongen van 27 die besloten heeft om een jaar lang te zorgen voor zich-zelf, door 2 keer per maand langs te komen. Na drie maanden van mooie gesprekken, energetische sessies, heldere en praktische keuzes maken, zit hij overduidelijk veel beter in zijn vel. Maar merkt zijn omgeving ook de innerlijke veranderingen? “Mijn ouders zijn heel blij, ze zien dat ik goed in mijn vel zit en veel vrolijker ben.”

Een ander voorbeeld is de zwaar overwerkte medewerker die telkens maar werk overnam van de leidinggevende omdat ze dacht dat ze daardoor de werklast van de leidinggevende verminderde en een goede daad deed. De relatie met de leidinggevende was inmiddels verstrikt geraakt in onuitgesproken verwachtingen. Toen ik haar wees op de keerzijde, dat ze met dit gedrag haar leidinggevende de kans ontnam om te groeien en haar eerder vasthield in een patroon waarin de leidinggevende niet toekwam aan haar eigen thema’s, viel een kwartje. Het was haar intentie om de leidinggevende te helpen, maar omdat ze zich-zelf passeerde had het gedrag het tegengestelde effect. Ze besloot om voor zich-zelf te gaan zorgen en het werk te laten liggen bij de leidinggevende. Dit deed ze eerlijk, liefdevol en duidelijk. Doordat zij beter voor zich-zelf ging zorgen, gaf zij haar leidinggevende eindelijk de kans om met haar eigen uitdagingen aan de slag te gaan en reëel te kijken naar de takenlijst. Haar collega’s merkten vrij snel het verschil van haar houding op de werkvloer. 

Dit en andere voorbeelden en mijn eigen ZIN natuurlijk, hebben ervoor gezorgd dat ik ZELFZORG op mijn menukaart heb opgenomen, in eerste instantie gericht op individuen, maar zeker met de intentie om ons als gehele mensheid te ondersteunen om de veranderingen die op ons aller menukaart staat, te kunnen maken. 

Wil jij hier ook mee aan de slag of ken je iemand voor dit wat zou zijn, aarzel niet en neem contact op. Iedere maand houd ik off/online een ZINloopspreekuur. Gratis en voor niets. 

Leef vol overgave, zonder alles te bevragen, zo krijgt burn-out geen kans.

Leef vol overgave, zonder alles te bevragen, zo krijgt burn-out geen kans.

Filosoof Welmoed Vlieger ( 42 ) kreeg vat op het leven dankzij oude denkers. Hun grootste les? Leef vol overgave, zonder alles te bevragen. Zo krijgt een burn-out geen kans. Artikel verschenen in de Volkskrant
Welmoed Vlieger (1976, Denekamp) werkt als buitenpromovendus aan een onderzoek over innerlijkheid en politiek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Ze studeerde godsdienstwetenschap en wijsbegeerte. Vlieger woont met haar gezin in Amsterdam en heeft twee kinderen van 8 en 15. Ze schrijft columns, geeft lezingen en organiseert filosofiedagen en -weekenden.
De vader van Welmoed Vlieger was dominee. Ze is de jongste van vier kinderen en verhuisde veel in haar jeugd. ‘Ik ben niet kerkelijk dogmatisch opgevoed. Wel hebben mijn ouders me bronnen aangereikt. Maar dat behoedt je dus niet voor een crisis, het komt erop aan je eigen bronnen te vinden. Daar gaat het om: ontdekken wat jou inspireert. Dat is een enorme zoektocht.’

Elk mens doorloopt een zoektocht om zichzelf te leren kennen en vat te krijgen op wat het leven is. Die route is voor ieder mens anders. Het probleem aan de basis van veel psychische klachten – ook bij een burn-out – is volgens filosoof Welmoed Vlieger (42) dat de meeste jonge mensen de zoektocht niet eens aangaan. Begrijpelijk, in een wereld waarin likes sneller te krijgen zijn dan een antwoord op je eigen waarom, maar weerbaar worden we er niet van.

Alles moet tegenwoordig van buiten komen, observeert Vlieger, gezeten aan de houten keukentafel in haar appartement. Er gaat iets kalmerends uit van haar aanwezigheid. Ze is rustig, ingetogen. Formuleert voorzichtig, zoekt nauwkeurig naar woorden, alsof ze gaandeweg het gesprek tot inzichten komt.

Ze gebruikt oude woorden, van dode denkers: innerlijkheid, ziel. Niet verwonderlijk, voor een filosoof die na een flinke dwaaltocht haar eigen inspirator vond in een middeleeuwse mysticus, Meester Eckhart.

Om de kern van ons mens-zijn te illustreren, gebruikt Vlieger een beeld van een andere wijsgeer, Plato. Die beschrijft de menselijke ziel als een paardenspan. Op de bok zit een wagenmenner, het verstand. Met slechts één taak: de boel een beetje in het gareel houden. Want de twee paarden in het span verkiezen elk een eigen route. Het ene paard wil het leuk hebben, zoekt vertier, verstrooiing en genot, het andere zoekt zingeving, liefde, vriendschap en een goede manier van leven. De tweestrijd tussen die neigingen, tussen afleiding en stilstaan, korte termijn en diepe waarden, dát is volgens Vlieger het menselijk bestaan.

De mens hoort te worstelen, zegt u?

‘We zijn niet zomaar een persoon met een aantal eigenschappen die samen onze identiteit vormen. Uniek voor de mens is dat we samengestelde wezens zijn. De worsteling tussen onze twee kanten, de tegenstrijdigheid in ons wezen is door de eeuwen heen beschreven in de filosofie. De mens maakt voortdurend schijnbewegingen om maar niet de confrontatie met zichzelf aan te gaan.’

U schrijft over jonge mensen die de weg kwijt zijn. Wat bedoelt u daarmee?

‘Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie heeft eenderde van alle jongeren een mentale aandoening en worden het er alleen maar meer. Daarbij gaat het om depressie, verslaving, burn-out. Vooral het aandeel van jonge vrouwen is groot. Ik probeer te begrijpen wat er gebeurt en heb het vermoeden dat er vaak een zingevingsprobleem achter schuilgaat. De huidige tijd is best moeilijk om in op te groeien. Met de tirannie van de perfectie en de druk om leuk, mooi en geslaagd te zijn. Terwijl het juist de kunst is om te gaan met tegenstrijdigheden – aan alles zit een rafelrandje.

‘Ik ben voorzichtig, ik zeg niet dat het dé oorzaak is, maar in gesprekken met jongeren merk ik vaak dat ze een existentiële leegte ervaren.’

Wat is dat?

‘Gevoelens van doelloosheid. Zinloosheid. En daaronder: angst. De Deense denker Kierkegaard weet dat als geen ander te verwoorden. Hij laat zien hoe mensen kunnen vastlopen in angst en vertwijfeling. Vooral in tijden van tegenslag, verlies en rouw. Op dat soort momenten doemen existentiële vragen op: waarom overkomt mij dit, hoe moet ik hiermee omgaan? De verbanden van kerk en gemeenschap zijn weg en we zijn teruggeworpen op onszelf, als het gaat om dit soort levensvragen.

‘Ik merk dat jongeren meer en meer naar buiten gericht zijn. Dat maakt dat je je minder verhoudt tot je binnenwereld, waarin tegenstrijdigheden woekeren. Innerlijkheid is voor mij een belangrijk onderwerp. Dat woord dreigt helemaal te verdwijnen in deze tijd, net als het woord ziel.’

Wat bedoelt u met innerlijkheid?

‘Het landschap in jezelf met angsten, leegte en kanten die je niet kent: hoe verhoud je je tot jezelf en tot de wereld? Innerlijkheid raakt aan termen als ziel en geweten. Een beetje ouderwetse woorden, met een lange geschiedenis. Grote denkers hebben ze gebruikt.

‘Ik denk dat het belangrijk is dat je probeert die binnenwereld te leren kennen. Dat je niet voortdurend op zoek blijft naar afleiding, maar dat je alleen kunt zijn. Om in tijden van tegenslag – die iedereen meemaakt – op jezelf te kunnen terugvallen. Als je je eigenwaarde afhankelijk maakt van de buitenwereld, ben je afhankelijk van het toeval en het grillige lot – en ja, dan kan alles makkelijk instorten. Als je eigenwaarde van binnenuit komt, heb je een dragende grond.’

Kunnen jonge mensen niet alleen zijn?

‘Alleen zijn is beangstigend. Omdat het diepe vragen oproept. Toen ik lesgaf aan studenten, hoorde ik telkens: ik weet niet wat ik met mezelf moet. Terwijl juist dát zo belangrijk is.

‘Die angst, daar moeten we niet vanaf. Daar moeten we doorheen, je moet de dialoog aangaan met jezelf, om vertrouwen te krijgen in het bestaan. Want dat bestaan is een volstrekt oncontroleerbaar iets. Dat proberen we voortdurend onder controle te krijgen. Althans, we denken dat te kunnen, maar dat kán niet. Een uitspraak als ‘het gaat goed met mij’ staat daar model voor. Alsof je kunt zeggen: het is klaar, ik heb het voor elkaar.

‘Dat is een verkrampte manier om met het leven om te gaan. Omdat heel veel onzeker is. We moeten ons verhouden tot die onzekerheid.’

We werken steeds meer met ons hoofd. Denkt u dat we daarom massaal aan mentale uitputting lijden?

‘Nee. Het zijn vragen als: kan ik dit wel, wil ik dit wel of doe ik dit omdat anderen het van me verwachten? Dáár worden mensen moe van. Dat vraagt om zelfonderzoek: eerlijk jezelf onder ogen zien. Dat los je niet op met een weekendje Parijs.

‘En, dat vind ik belangrijk om te benadrukken, het is geen navelstaarderij. Want door jezelf te leren kennen – ook je donkere kanten – kan er ook ruimte voor anderen ontstaan. Je kunt je makkelijker verhouden tot anderen, hen accepteren zoals ze zijn.

‘Ik zie vaak jonge vrouwen op sociale media die letterlijk om likes en hartjes vragen, als ze in de put zitten. Dat vind ik echt zorgelijk. Er is geen weerbaarheid. Het maakt je enorm vatbaar voor teleurstelling en afwijzing van buitenaf. Die moet je dan weer compenseren met bevestiging van buitenaf.’

We hebben het tamelijk goed voor elkaar, zijn welvarend en volgens enquêtes ook gelukkig.

‘Als je zeven dagen per week op het land ploetert, is het leven vanzelfsprekend zwaar. Mensen werden vroeger meer beproefd, er was meer dood, verlies, honger. Dat doet iets met je als mens, het bepaalt je.

‘Ik denk dat welvaart ons ook minder weerbaar heeft gemaakt. Een afwijzing komt snel aan als een mokerslag. Van vrienden, op ons werk. We maken ons gauw zorgen, denken: het gaat niet goed met me, wat nu? We zijn niet gewend aan tegenslag. We willen controle, preventie. Alles bedwingen. Wat niet perfect is, moet opgelost. Voelen we leegte of angst? Daar moeten we vanaf.

‘Het rafelige, het lelijke, het angstige: we moffelen het weg. Ook de dood. Het moet allemaal uit het zicht en dat maakt ons juist kwetsbaar. Want dood, ziekte en verlies van dierbaren blijven bestaan. Omgaan met zulke ervaringen wordt lastig als je een wereld creëert waarin die zaken afwezig lijken te zijn.’

Mensen krijgen een burn-out omdat ze niet weerbaar genoeg zijn?

‘Ik vermoed dat angst ten grondslag ligt aan een burn-out. Angst kan veel weerstand oproepen, we willen er niet aan. Terwijl angst wezenlijk is, hij hoort bij de mens, we moeten daar iets mee. Daarvoor is reflectie nodig. Doe je daar niet aan, dan duikt hij op de meest onmogelijke momenten op. En dat beangstigt nog meer, benadrukt nog meer het oncontroleerbare.

‘Ik denk dat we onderscheid moeten maken tussen psychische en geestelijke klachten. Die laatste zijn heel menselijke, existentiële problemen waar iedereen tegenaan loopt. Het is de vraag of je daarvoor bij een psycholoog aan het juiste adres bent.

‘Filosofen spreken van een dialoog: je kunt pas tot zelfinzicht komen in contact met iets anders. Vroeger kon dat God zijn. We verlangen naar een kritische vriend, een sparringpartner. Die behoefte vervullen we nu vaak door naar een psycholoog te gaan.’

Wat is het alternatief, denkt u?

‘Jonge mensen hebben ruimte en aanmoediging nodig om op zoek te gaan naar bronnen die hen innerlijk voeden. Wat raakt je, wat inspireert je, waaraan trek je je op? Bronnen komen in allerlei gedaanten: in muziek, poëzie, literatuur, kunst, religie, het krijgen van kinderen. Als het de innerlijke dialoog maar op gang brengt. Alleen op die manier kun je je eigen angsten en onzekerheden aanschouwen.

‘Bovendien, en dat is minstens zo belangrijk: die bronnen maken dat je jezelf kunt zien als deel van iets groters. Die laten je zien dat je niet alleen staat in de wereld. Mooie teksten of kunst kunnen zo veel zin geven. Je laten beseffen dat je een bepaalde rol hebt, een verantwoordelijkheid.’

Hoe ging dat bij u, het vinden van een bron?

‘Ik heb een moeizame middelbareschooltijd gehad. De stof raakte me niet, ik sleepte me door de dagen. Ik had moeite met het schoolsysteem, verzette me ertegen, was een opstandige puber. Ik voelde me verdwaald, angstig, wist niet wat ik moest.

‘Via een lange omweg heb ik uiteindelijk mijn havodiploma gehaald en mocht ik toelatingsexamen doen voor de universiteit. Daar ging een wereld voor me open. Of nou ja, aanvankelijk voelde ik me verloren in een zee van denkers.

‘Het zijn bepaalde docenten geweest die me richting gaven, die zeiden: lees dit eens, of dat. Zo kwam ik Meester Eckhart tegen, een filosoof uit de 13de, 14de eeuw. Wat hij beschreef, herkende ik. Ik voelde: ik sta niet alleen, maar in een traditie van denkers die op eenzelfde manier naar de wereld kijken.’

En welke manier van kijken is dat?

‘Hij spreekt over leven vanuit je eigen bestaansgrond, zonder waarom. Ik leef omdat ik leef, omdat ik niet anders kan, vol overgave. Ik geef lezingen over dat thema en die uitspraak, ‘leven zonder waarom’, trekt veel mensen aan. Juist omdat zij continu vol vragen zijn: waarom dit, waarom dat? Mensen verlangen naar een leven waarin ze niet continu het nut van alles bevragen. Rust vinden in wat er is. Het zijnde laten zijn, zegt Heidegger. Niet voortdurend de controle willen hebben. Want precies dát is vermoeiend en geeft onrust, stress en druk.’

Wat is die ‘grond’ voor u?

‘Het zijn vooral religieuze auteurs die mij raken, zoals Kierkegaard en Dostojevski. Me opgenomen weten in iets groters, de ervaring dat het leven in de grond zin heeft. Er zijn mensen vóór ons geweest en er komen mensen na ons voor wie wij verantwoordelijkheid dragen. Dat besef maakt je los van narcisme, van bezig zijn met je eigen leventje. Het geeft zin en betekenis aan je bestaan.’

Bent u daarmee beschermd tegen een burn-out?

‘Dat weet je nooit. Ik werk hard, heel hard. Ik heb twee kinderen. Mijn promotie staat centraal, maar ik doe ook columns, lezingen, weekenden. Ik ben gelukkig met wat ik doe. Maar je hoort vaak: plotseling kon ik helemaal niets meer. Het komt bij iedereen onverwachts.

‘Ik ervaar weinig stress, gek genoeg. Ik ben veel alleen. Dat vind ik fijn, heb ik ontdekt. Maar dan nog. Er is geen enkele garantie in het leven.’

Lees meer over burn-outs op volkskrant.nl/burnout

sem, Aenean nec libero. at ultricies
X